Op een goeie dag kwam Bert Schierbeek bij ons op bezoek. Hij liep te strompelen met een stok. Hij vertelde over zijn heupproblemen. Hij bleek nogal wat vreselijke pijn te moeten verstouwen. We vroegen hem of hij daar niet heel sacherijnig van werd? Hij keek ons aan, dacht even na en toen klonk het: 'Ook nog sacherijnig?'
Bert was als dichter helemaal thuis in het Zenboeddhisme, hij schreef het mooie boekje 'De Tuinen van Zen'. Hij beoefende daarin ‘haiku's'. Zo'n haiku geeft iets weer van de essentiële eenzaamheid waarin mensen en dingen leven. Eigenheid in eenzaamheid. En om tot die eigenheid, tot zelf te komen, zoekt de kunstenaar de eenzaamheid, huist hij hoog op bergen, verstopt zich diep in holen, vertoeft aan uitgestrekte wateren, meestal onder nauwelijks een dak. Hij mediteert, leeft letterlijk en figuurlijk van ‘niets’. Hij maakt zich met dat ‘niets’ vertrouwd, om zijn zelf daarin te vinden. De omringende natuur helpt een handje natuurlijk. In de literatuur wordt de dichter dan een zwerver, een bohémien, een troubadour en voor de wereld een gek.
Het werk van Bert is uiterst gelaagd, ga eens op zoek naar zijn bundels? Zoveel te ontdekken!
Ik voel vaak nog een diepe verwantschap met de unieke Bert. Ik ben hem veel verschuldigd. Hij kon taal teisteren. Dit vind ik zijn mooiste haiku:
zon komt op
hele wereld rood
ik ook
in het Engels wordt dat:
sun comes up
whole world red
me too
Have a Nice Day!
Bron: dbnl.org
Reactie plaatsen
Reacties