Kleinkunst Academie als schreeuwfabriek
Peter Pannekoek is in Nederland uitgegroeid tot iets wat we vroeger gewoon een cabaretier noemden. Dat zijn stuk voor stuk geflipte piepels die op de Kleinkunst Academie hoogst middelmatige teksten hebben leren schreeuwen. Freek de Jonge is hun grote voorbeeld. Tussen de schuifdeuren. Zo’n mannetje dus is onze Peter die, - natuurlijk ook bij ons aller doucheputje EVA, op televisie verschijnt met de urgentie van een brandalarm, met de blik van iemand die denkt dat hij het laatste en beste functionerende geweten van Nederland is en dus gaat de volumeknop maximaal open. Hallo zeg, Petertje, er bestaan microfoons hoor!? Televisie is een intiem medium, maar niet in NL. Iedereen is altijd aan het krijsen. De enige x dat ik altijd om deze Peter moet lachen is als hij in zijn orgastische opwinding er ook nog flink scheel bij gaat kijken. Thuis noemden wij zo iemand een imbecieltje, zo gek als een deur, maar een groot deel van het NL volkje schijnt hem grappig te vinden. En natuurlijk: Peter Pannekoek is slim. Scherp, soms. Vilein, soms. Alleen, is dat voldoende?
Oudejaarsconference als effectief slaapmiddel
Na zijn meest recente oudejaarsconference van eind 2025 werd hij op sociale media openlijk beschuldigd van iets wat bijna de doodsklap is voor een beetje comedian: de vraag zong rond: werd het zaalgelach wellicht kunstmatig een ietsje pietsie opgekrikt? Commentator Victor Vlam vroeg zich hardop af of het gelach niet was aangevuld. Vlam was ongewoon direct: volgens hem was de show gewoon niet heel erg grappig, met een te lage grapdichtheid, te veel inhoudelijke ambitie en te weinig echte humor. De dominee had de clown gewurgd. Het fascinerende is dat de gevestigde pers vaak precies het omgekeerde schrijft. Heertje Pannekoek heeft dankzij slimme marketing inmiddels daar de status van een gevaarlijke satiricus, terwijl het meer kritische deel van zijn publiek, een handjevol dus, hem ervaart als een intellectuele halve zool en verder best wel lieve jongen, die alleen wel veel te hard praat. Zie ook dat vreselijk ondermaatse Dit was het nieuws. Misthoorn! Op tv ben je bang dat hij zijn fluim dwars door het scherm heen zo in je gezicht spettert, een paraplu, nu!
Lachen als een boer met kiespijn
De NRC noemde hem ooit een scherpe, vileine commentator en prees zijn oudejaarsdebuut als een groot pleidooi voor empathie, maar ja die krant heeft ook Thierry Baudet jarenlang een podium bezorgd. Theaterkrant sprak zelfs van een akelig goed eindejaarsdebuut. Bedoeld werd hopelijk meer akelig dan goed!? NU.nl verzamelde destijds jubelende recensies; Shownieuws meldde dat de kranten vrijwel alleen maar positief waren. En dat is misschien wel precies het Peter Pannekoek-probleem in een notendop: hij wil zó graag de intelligente beul zijn, de eloquente sloper, de man die de tijdgeest fileert met de precisie van een chirurg, - dat hij af en toe vergeet dat cabaret nog steeds het vak is waarbij mensen geacht worden spontaan geluid te maken van plezier en niet van herkenningsapplaus voor de zoveelste al dan niet correcte morele afslag. Ik snap nog steeds niet hoe die Peter Pannekoek ooit is doorgebroken. Wat een filosofische bullshit verkoopt deze gast! Het gaat mij om deze woorden: de bereidheid om eerlijk in de spiegel te kijken, want wat je ziet is mogelijk minder fraai dan het beeld dat je van jezelf hebt. Tegeltjeswijsheid. Zitten we daar een uur lang op te wachten?
Ik zie, ik zie wat jij niet ziet
Wat een tenenkrommend credo! Ken u zelve, beste Pjotr! Je zou er goed aan doen die door jou vereiste eerlijkheid allereerst eens deep down in jezelf te zoeken. Je zit muurvast in een zelf opgelegd imago, man! Open jezelf, laat eindelijk iets waarlijk waarachtigs van je zelf zien. Maar misschien is dat juist het probleem.
PP wil lief gevonden worden
Peter Pannekoek is een cabaretier die perfect functioneert in de Nederlandse recensiebubbel. Journalisten zijn dol op hem omdat hij klinkt als wat recensenten graag over zichzelf denken: scherp, moreel alert, cultureel verantwoord, en met net genoeg venijn om niet helemaal voor een extreemrechts stuk onbenul door te gaan. Hij is m.a.w. de ideale comedian voor mensen die tijdens het lachen graag willen voelen dat ze nee, kom op zeg! absoluut, aan de goede kant van de geschiedenis staan. En dat levert een merkwaardige spagaat op. Op papier is hij een sloopkogel. In de zaal is hij vooral een pleitbezorger van de consensus. Hij is de man die overkomt alsof hij ieder moment de boel gaat opblazen, maar uiteindelijk de vermolmde hersenpannetjes van zijn publiek hoogst opportunistisch een ietsie pietsie herschikt. We moeten begrip tonen voor elkaar. We mogen vooral niet haten. Niks controversieels dus. Een blijde boodschap, die vals klinkt. Hij wil lief gevonden worden. Een opstandeling die keurig op tijd door de publieke omroep wordt ingepland. Een rebel met een plan: zonder kleerscheuren zien te overleven. Een furieuze preker voor eigen parochie in een veilig uitgelicht reservaat als de talkshow van Eva. En zo creëert hij afstand in plaats van interesse in zijn boodschappen.
Commissie van Censuur zit in de weg
Zelfs waar hij wél goed is, - en dat is hij, helaas voor deze blog, toch ook geregeld, zit altijd deze irritatie ingebakken. Hij kan raak formuleren. Hij kan hard uithalen. Hij heeft timing. Maar er hangt altijd iets omheen van: kijk mij eens ontzettend alert en welbewust scherp zijn. Alsof elke grap eerst innerlijk langs een zeer zware Commissie van Censuur is gegaan. Geen spontaniteit. De beste comedians laten je lachen voordat je door hebt hoe gemeen ze zijn. Peter Pannekoek wil nog wel eens eerst duidelijk maken hoe slim, juist en noodzakelijk zijn aanval is, en dan pas de grap serveren. Je ervaart vaak niet de lol van de vondst, maar uitsluitend de (ongepaste) trots van de maker erover.
En dat is dodelijk.
Daarom is alle lof voor Peter Pannenkoek ook zo typisch Nederlands. We houden van performers die doen alsof ze radicaal zijn, zolang ze maar wel brullen en bij voorkeur onverstaanbaar articuleren, netjes binnen de afgemeten zendtijd blijven en op een mooi opvoedkundig einde uitkomen: dus bij hoop en verbinding, met een dringende emotionele oproep tot inlevingsvermogen in de ander. En dan na afloop zeggen: Ziezo. Dat mocht ook wel eens hardop gezegd worden. Gesticht weer naar huis, jongens. Nog even een plas, alles bleef zoals het was. Pannekoek is de man die Nederland het aangename gevoel geeft dat het nog steeds kritisch naar zichzelf kan kijken. Hij is dus niet zozeer een satiricus, maar een zeikerd, een nationale plaspop: de officiële hofnar van de maar wat zelftevreden middenklasse. Desnoods met aangevuld gelach. Geen probleem.
Als dit de gevaarlijkste comedian van het land is, dan is de ware revolutie in Nederland uitstekend kalt gestellt.
Reactie plaatsen
Reacties