De liefde oneindig maal
Misschien wel duizend malen
heb ik jou liefgehad
totdat we niet meer konden
en onze eigen draai hervonden
kronkelingen van geneugten
zijn nu herinnering
met niets dan vage schaamte
bloos ik van vroeger zindering
wat was liefde dan voor ding?
dat nu niets ons meer rest
dan ‘n eeuwig geestelijke test?
Om bij elkaar te blijven is
nu de moed der wanhoop vereist
totdat de dood ons zeist
‘Hip hopje’ (hardop lezen aub) I
ik hou ja hou ja hou van jou
ik hou van-, van-, van-, JOU
ik hou hou hou
van jou jou jou
ik hou van jou jou jou
ik ik ik ik ik hou van jou
ja jou ja jou ja jou
ik hi ha hoe ho hou van jou
ik heb me toch
een hou van jou
ik hou zo hou zo hou zo
hoezo hoezo hoezo?
zohou! zohou! zohou!
hela hola holadiee !
ik hou van jou
ja jij daar
van jou ja!
dat heb ik nou
altijd
Het Offer
Het altaar stond gereed
de talloze kaarsen
brandden op de hoge tafel
daarnaast het zachte bed
jij kwam en zag dat het goed was
en ging liggen
en spreidde je knieën
ik knielde
en stopte je vol
met mijn aanwezigheid
toen kwamen jij en ik
tot nieuwe mensen
geboren
al offerend
onze oude zelven
tegen
als slangen
stroopten wij onze huiden af
als babies
lachten wij naar elkaar
gelukkig