STOP met eeuwige economische groei

Gepubliceerd op 11 juli 2026 om 07:30

De nieuwe kampioenen: zij die het meest duurzaam weten te produceren.

Ewald Engelen brak ooit a.d.h.v. Matt Huber opnieuw in de Groene een lans voor Marx en komt met een piepende en krakende analyse mbt een soort postcommunistische utopische economie, waarbij toekomstige marktwerking ten goede dient te komen aan de ‘deplorables’. 

Het actuele theoretiseren van vele anderen over duurzaam produceren, maar dan juist zonder de mantra van de eeuwige groei, wordt door hem vnl. als een grachtengordeldingetje afgedaan. Eeuwige economische groei als noodzakelijke motor voor verandering, met als logische uitkomst meer welvaart voor alle achtergeblevenen. Tja. 

Ik heb de grootste bewondering voor de vlijmscherpe analyses van Marx, maar is het radicaal ombuigen van de aloude kapitalistische meerwaarde richting de behoeftigen nu echt DE oplossing? 

Op zich is er niets tegen marktwerking. Daarover zijn we het meen ik wel eens. Maar ik ben tegen iedere vorm van ongebreidelde kapitalistische marktwerking. Het is mi veel eenvoudiger en logischer mbt duurzame productie om de gebruikelijke meerwaarde die ook daaruit volgt inherent te kapitaliseren, dwz, beloon in de toekomst structureel de duurzame productie van de allerhoogste kwaliteit. 

Dan krijg je een geheel andere marktwerking! Groei in het wilde weg wordt met andere woorden juist iets heel smerigs. Tegendenken dus. 

Niet langer het vergaren van het allergrootste kapitaal, maar de hoogste duurzame vorm van bestaanszekerheid voor allen wordt dan het einddoel. Die bestaanszekerheid wordt geborgd door de nieuwe kampioenen: zij die het meest duurzaam weten te produceren.

Dit solide uitgangspunt voor een toekomstige duurzame, c.q. houdbare economie, wordt de nieuwe wedstrijd.

Er valt dus in de toekomst heus nog wel wat te verdienen: maar uitsluitend voor wie de meest duurzame producten levert. Met z’n allen zo duurzaam mogelijk produceren, principieel een groei van nul als het om niet duurzame productie gaat en deze desnoods beboeten, daarentegen duurzame productie van topkwaliteit (redelijk) belonen. Uit dit alles volgt tegelijkertijd rigoureus het invoeren van een bestaansmaximum, zonder twijfel. 

Hoe moeilijk kan dit alles zijn?