POEZIEWEEK elke dag gedichten af.5

Gepubliceerd op 17 juli 2026 om 07:30

In een tedere bui zong ik voor de Duivel dit lied:

waar moet dat naar toe?

mijn meisje is moe

maar wat doet het er toe?

zij is er toch altijd?

ik val voor deze meid!

heel moe of heel opgewekt

wij raken nooit uitgekwekt

Hemel of Hel

wij weten het nou wel

 

O pijn!

O pijn

O liefde

O liefdespijn

O fijn

 

Meisje van zestig

je hebt een oude geest

miljoenen jaren ga jij al mee

daarom kijk ik je graag aan

om je wereldgeschiedenis

je blijft een vrouw uit duizend=

en een nacht

je stem

zoekt het verhaal van vroeger

je gevoel is altijd groot

om alles kan je huilen

lachen gaat je nog beter af

o leven dat voorbij stormt

o landen die bestaan

in je lichaam

de aarde is jouw planeet

eb en vloed zijn vrienden

natuur orgelt in en om jou

je weet alles

en twijfelt eraan

dat hoort ook zo

je nageslacht

is je passie

je man ben je trouw

tot in den dood:

herboren.

 

Herfst

de dagen dor

de uren lang

minuten eindeloos

seconden een eeuwigheid

leven verglijdt in dood

onverbiddelijk

rottingsproces

wee je gebeente

 

Stilleven

daar lig jij nu

ten dode opgeschreven

wat ben je wit

en koud

en bloot

zo dood

ik zal je wassen

met warm water

en dan

op je gaan liggen

want ik leef

nog maar net

 

Als jij weg bent

als jij weg bent

loop ik

door creperende bossen

dool ik doelloos rond

mijn voet van lood

als jij weg bent

schreeuw ik

tegen kale bomen

hordes struiken

verteerde planten

als jij weg bent

spuug ik op de vogels

vertrap ik de insecten

de mensen vermijd ik

ja plantengek

dierenbeul

mensenvijand

ben ik

zonder jou

stervende herfst

bladeren rottend

mensen gek aan het worden

van al die jaren

zij zijn zo moe

van al het paren

als jij weg bent

voel ik mij helemaal verlaten

ga ik denken

aan de dorre dood

ga ik denken

dat ook jij voorgoed

voor eeuwig

weggerot bent