De Bus van Heden naar Verleden
Verkort Onze Vader: Geef ons heden Onze Dagelijkse Dood
Geschiedenis van de Dood
Om onszelf werkelijk te doorgronden is het noodzakelijk onze eigen, meestal niet zo fraaie geschiedenis goed te kennen. In crisistijd wordt de ware aard van de mens zichtbaar, het kwaad blijkt in ieder mens te schuilen, zonder uitzondering. Als er eenmaal een oorlog aan de gang is krijgen we de wolf in ons te zien: homo homini lupus est. Een losgebroken kettinghond, dat is de ware aard van het beestje: de mens.
In de Tweede Wereldoorlog kwam in de concentratiekampen regelmatig kannibalisme voor. De menselijke geschiedenis is niet meer dan een aaneenschakeling van genociden, een lange opeenvolging van bloedige wraakzucht, een dolgedraaide carrousel van wreedheden. Wij, mensen, moorden elkaar uit. Het is één groot inferno.
De geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog heeft mij al van jongs af aan gefascineerd. Ik ben van 1948. Ik heb die oorlog niet zelf meegemaakt. Maar hij hing wel als een doem over mijn jeugd: hoe heeft dit allemaal zo kunnen gebeuren? Ouders gaven maar summiere informatie. Tot op de dag van vandaag zit ik vol vragen.
Wat is de waarheid over de kampen? Over het Verzet? De Bevrijding? Wat is fascisme? Wat de wortel van hedendaags fascisme?
De overlevenden van de Bus uit Dachau, het puikje van de Nederlandse Verzetsstrijders, heb ik geïnterviewd en hun ervaringen heb ik "vertaald" in het boek: "De bus van heden naar verleden”. Het betreft hier dus een poging tot experimentele geschiedschrijving, (zoals bijvoorbeeld ook de film Schindler’s List van Steven Spielberg (1993) te beschouwen valt).
De Bevrijding ontmythologiseerd
Het is ieder jaar op 5 mei langer geleden dat de Bevrijding plaatsvond. Er zal zonder twijfel telkens nog weer uitgebreid bij dat historische moment worden stilgestaan en tal van anekdotes uit die tijd zullen - altijd weer opnieuw - de ronde doen. "The Year Zero is 1945, het jaar waarin de moderne tijd geboren werd" - aldus John Lukacks. Voor de Nederlanders is 1945 een ondefinieerbaar jaar, een onbenoembaar tijdvak tussen een apocalyptische hongerwinter en een caleidoscopische lente. Een jaar van levenskrachtige vooruitzichten en van onmenselijke herinneringen, van afbraak en vernieuwing, een jaar van Handvesten en Hiroshima, van geboortegolven en dodenvalleien, van wederopbouw en sluimerende KZ-syndromen. Het jaar van volksverhuizingen, waarin ook in het nog lang niet geordende Nederland van na de Bevrijding onvatbare anarchistische dingen gebeurden die zich voordien alleen in avontuurlijke jongensromans afspeelden. Een gespleten werkelijkheid: aan de ene kant van het front was Nederland nog bezet (boven de rivieren) en leden vijf miljoen mensen nog onverminderd onder de Duitse overheersing, aan de andere kant werd hevig gevochten in het Duitse Ruhrgebied - het Duitse leger was daar ingesloten in het nog niet gevallen Berlijn. In de meeste gevallen is de Bevrijding dan ook geen moment van zorgeloze vreugde geweest. Bijna altijd werd ze beleefd tegen een achtergrond van verwoesting en dood. Er was pijn en verdriet om het universele lijden om zich heen, om verloren familie, om eigen totale uitputting, men was te moe om het leven weer op te bouwen te midden van het puin.
Concentratiekampoverlevenden
Dit geldt des te meer voor hen die de kampen overleefden. "Wie eens gemarteld is, blijft gemarteld worden, wie die kwelling eenmaal heeft ondergaan, kan geen plaats meer vinden in de wereld, de gruwel niets te zijn geweest blijft branden. Het vertrouwen in mensen, door de eerste slag in je gezicht geschokt, door de marteling vernietigd, herstelt zich nooit." – aldus Jean Améry, Oostenrijks filosoof, door de Gestapo gemarteld.
De bus uit Dachau
Wanneer het gaat om de oorlog wordt ons nog steeds de mythe voorgehouden dat het hele volk in verzet kwam tegen de buitenlandse indringer. Het verhaal van de bus uit kamp Dachau met zeventien ex-verzetsmensen aan boord (o.a.: Teengs Gerritsen, Ed. Hoornik, Boebi Brugsma) is ook historisch gezien vrijwel onbekend en wellicht daarom juist exemplarisch voor dat zo geroemde "Verzet". In dit opzicht wil mijn boek natuurlijk een eerbetoon zijn aan de kleine groep Nederlanders die zich daadwerkelijk verzet heeft. Maar het wordt ook hoog tijd om ons na ruim tachtig jaar te bevrijden van die andere mythe: dat het niet allemaal Helden waren, maar gewone mensen met een zeer uiteenlopende politieke en/of geloofsovertuiging die elkaar – soms tot op het miezerige af, te vuur en te zwaard bestreden.
Het vreselijke falen van de NL regering
Het boek gaat ook over de toenmalige Nederlandse Regering, die de mensen die in het Verzet de kastanjes uit het vuur hadden gehaald en die na afloop van de oorlog nog in de Duitse kampen vastzaten, na de Bevrijding gewoon heeft laten barsten. Waar andere regeringen onmiddellijk overgingen tot repatriëring en hun verzetsmensen als helden terughaalden, liet de Nederlandse regering niets van zich horen. Ook toen een aantal van hen op eigen gelegenheid terugkeerde met hun bus "from Dachau to Holland" reageerde de Regering op de meest beschamende, botte wijze. Ik citeer Fréquin die in de Gelderlander in mei '45 de Nederlandse autoriteiten aldus hekelde: "Schandaal om Dachau. Er is geen hand, zelfs geen pink naar onze helden uitgestoken, die in den tijd dat ze afgebeuld en velen van hen vergast of gecremeerd werden, vanuit een veilige radiostudio dag in dag uit met een heroïeke stem bewierookt en tot voorbeeld gesteld werden, doch die men nu niet meer schijnt te kennen!"
Tenslotte is het boek vooral het persoonlijke verhaal van de dichter Hoornaar, (geïnspireerd op de figuur van Ed.Hoornik, dichter) die een busreis maakt door het tegenwoordige Duitsland en zo op zoek gaat naar zijn kampverleden in (het museum van) Dachau. Deze Hoornaar wordt - zoveel jaren na de bevrijding - geteisterd door een kampsyndroom. Maar hij heeft ook een feilloos politiek instinct, waarmee hij het herlevende en oprukkende fascisme in Europa herkent en letterlijk te lijf gaat. Zijn pendant is de figuur van Janna Beck. Zij staat voor de tweede generatie die het allemaal niet meegemaakt heeft, maar wel wil weten hoe het echt geweest is. Ik spreek hierbij de hoop uit dat met name jongeren zich zullen kunnen identificeren met haar personage: zij stelt de (juiste) vragen aan de geschiedenis. Daarnaast wordt de Bus bevolkt door de meest uiteenlopende en soms kleurrijke personages. Zij vormen een afspiegeling van de zo "verzuilde" Nederlandse samenleving: monarchisten, communisten, gereformeerden, katholieken. Heeft de meerderheid van de Tweede Kamer gemeend een streep te moeten zetten onder het oorlogsverleden, met de vrijlating destijds van de oorlogsmisdadigers de Twee van Breda, het boek "De bus van heden naar verleden" beoogt dat verleden eens te meer te onderstrepen, maar niet alleen in historische zin. Immers, de actuele ontwikkelingen in ons huidige tijdgewricht maken dat het heden weer dreigt te worden ingehaald door het zo schrijnende verleden. Vandaar dat de optie van het maken van een "historisch" boek over dit onderwerp, alsof het een documentaire betrof, vervalt. Het is juist de vermenging van fictie en non-fictie die dit boek zijn politiek actuele lading geeft: het hypocriete principes-preken-geschrobde-stoepjes beleid nu ten aanzien van weerloze minderheden is wat dit betreft exemplarisch.
Research
Overigens moeten de historische gegevens die gebruikt worden wel kloppen. Er is dan ook de nodige research gedaan. Van de mensen die in de bus hebben gezeten waren destijds nog een aantal in leven. Zij zijn zo uitgebreid mogelijk geïnterviewd om aan zoveel mogelijk authentiek materiaal te komen. Ook andere betrokkenen en deskundigen, onder wie Z.K.H. Prins Bernard, toonden zich bereid zich te laten interviewen. Allen, - de meesten helaas postuum, die destijds hun tijd hebben vrijgemaakt om ons een interview toe te staan of ons anderszins te informeren, wil ik vanaf deze plaats alsnog hartelijk bedanken. Zonder al die diep inspirerende en vaak ongelofelijk aangrijpende gesprekken met hen was dit boek nimmer tot stand gekomen. Elk interview maakte heel veel los en het was vaak lang niet gemakkelijk voor betrokkenen om deze gruwelijke periode terug te halen in de herinnering. Desondanks bracht men het op om ons tot in de kleinste details te verhalen over de meest onwaarschijnlijke gebeurtenissen uit die tijd. De journalist W.L.Brugsma, - die zelf als 17-jarige jongen in de bus uit Dachau heeft gezeten, ging steeds meer als "consulent" fungeren, waarvoor ik hem - helaas inmiddels nu ook postuum - zeer erkentelijk ben. “Boebi” stelde zich zeer loyaal op ten opzichte van een vrije interpretatie van de gebeurtenissen. Voor de research tekende mede Shanty van de Sande die ik vanaf deze plaats heel hartelijk wil bedanken.
Rutger W. Weemhoff Amsterdam 2008
Voor een gratis download van het boek De bus van heden naar verleden scrolt u naar beneden op deze pagina:
Of bestel hier het boek De bus van heden naar verleden:
https://www.uitgeverijpartout.nl/product/19222849/de-bus-van-heden-naar-verleden